← Terug naar het archief

HFC

In april 1909 onderging Wilhelmina een belangrijke verandering toen een groep voormalige spelers van de voetbalvereniging Volharding zich bij de club aansloot. Deze uitbreiding leidde tot een aanzienlijke versterking van het elftal en de naamswijziging naar Hillesluis-Feijenoord-Combinatie (HFC).

Conflict

De aanleiding was een conflict binnen Wilhelmina over de samenstelling van het elftal. Op een zondag in april 1909 weigerden verschillende spelers deel te nemen aan een uitwedstrijd in Capelle aan den IJssel, omdat zij ontevreden waren over de opstelling. Hierdoor bleven slechts zeven spelers beschikbaar, terwijl er elf nodig waren om een volledig elftal te vormen. Voorzitter Gerard van Leerdam besloot de wedstrijd niet af te zeggen en ging op zoek naar vervangende spelers.

In de omgeving van het Afrikaanderplein ontmoette Van Leerdam vier jonge voetballers die kort daarvoor hun vereniging Volharding hadden verlaten. Het ging om Gerrit Dubbeldam, Kees Rijsdijk en de broers Piet en Henk Levasier. De vier waren op dat moment verenigingsloos als gevolg van meningsverschillen binnen hun voormalige club, die inmiddels onder de naam Transvalia bekendstond. Van Leerdam vroeg of zij bereid waren mee te reizen naar Capelle aan den IJssel om het elftal aan te vullen. Na kort overleg stemden zij hiermee in en speelden diezelfde middag voor Wilhelmina.

De samenwerking beviel beide partijen. In de daaropvolgende periode sloten zich meer voormalige spelers van Volharding aan, onder wie Wout van der Gevel, Albert Groenendaal en Wijnand van 't Hoff. Daarmee kreeg de vereniging een belangrijke kwaliteitsimpuls. De nieuwe spelers beschikten al over voetbalervaring en vormden een aanvulling op de bestaande selectie.

Verandering

De komst van de voormalige Volharding-spelers leidde tevens tot een organisatorische verandering. Tijdens een algemene ledenvergadering, die volgens de herinneringen van de gebroeders Levasier ongeveer een week na de eerste kennismaking plaatsvond, werd besloten de vereniging voortaan Hillesluis-Feijenoord-Combinatie (HFC) te noemen. De naam verwees naar de buurtschappen Hillesluis en Feijenoord, waaruit de leden afkomstig waren. De Afrikaanderwijk, waar verschillende nieuwe spelers woonden, behoorde destijds tot Hillesluis.

Hoewel deze gebeurtenis doorgaans als een fusie wordt beschreven, ging het in de praktijk vooral om het samengaan van Wilhelmina met een groep voormalige spelers van Volharding. De oorspronkelijke vereniging bleef daarmee de basis vormen voor HFC.

De toetreding van de nieuwe leden bracht ook veranderingen in de sociale samenstelling van de club. Onder de voormalige Volharding-spelers bevonden zich relatief veel bootwerkers, waardoor het aandeel havenarbeiders binnen de vereniging toenam. Dit weerspiegelde het arbeiderskarakter van Rotterdam-Zuid, waar voetbal in deze periode steeds populairder werd.

Nieuw bestuur

Ook het bestuur veranderde gedurende het eerste bestaansjaar. Jan van Bladel werd als secretaris achtereenvolgens opgevolgd door Noorland en Weber. Het penningmeesterschap ging van Nico Struijs over op Noorland en vervolgens op Piet Levasier. De komst van nieuwe leden had daarmee niet alleen gevolgen voor de sportieve prestaties, maar ook voor de organisatie van de vereniging.

Drukte op het Afrikaanderplein

De samenvoeging vond plaats in een periode waarin op Rotterdam-Zuid steeds meer voetbalverenigingen ontstonden. In 1909 vroegen onder meer DVS, Vitesse, Advendo, Prins Hendrik, Crescendo en Concordia toestemming aan de gemeente om gebruik te mogen maken van speelterreinen. Vooral het Afrikaanderplein en de omliggende straten waren populair, waardoor de beschikbare speelruimte steeds schaarser werd.

De groeiende belangstelling voor voetbal leidde regelmatig tot conflicten over het gebruik van openbare terreinen. Verenigingen waren afhankelijk van gemeentelijke vergunningen en moesten beschikbare velden vaak met andere clubs delen. Ook het voetballen op straat veroorzaakte problemen. In juli 1909 berichtte het Rotterdamsch Nieuwsblad bijvoorbeeld over een incident in de Oranjeboomstraat, waar een politieagent een jongen verbood te voetballen vanwege het gevaar voor nabijgelegen ruiten en de geldende politieverordening.

Bronnen

  1. Kees van Baaren, in: Gedenkboek 1908–1958, p. 190.

  2. Gebroeders P.W. en H. Levasier, in: Gedenkboek 1908–1933, p. 374.

  3. L.A. Heesakker, Gedenkboek 1908–1933, p. 24 en staat nr. 15.

  4. Henk Levasier, interview met M. van den Berge, 1962, aangehaald in de aangeleverde geschiedschrijving.

  5. Gemeentearchief Rotterdam, GAR NSA AZ 444.01, diverse stukken betreffende vergunningen voor voetbalterreinen uit 1909.

  6. Rotterdamsch Nieuwsblad, juli 1909, bericht over straatvoetbal in de Oranjeboomstraat.

  7. Feyenoord was een club van kantoorbedienden, Reporters Online.